De grens

‘Ho! Stop! Halt!
Wat doe je daar?’
De roodborst scheert rakelings langs het hoofd van het kleine hertje.
Hij landt op een tak in de bessenstruik.
De tak zwiept wild op en neer.
Verschrikt kijkt het hertje op.

‘Jaha, ik zag het wel’, zegt de roodborst. ‘Jij at besjes.’
Het hertje kijkt hem glazig aan.
‘Het zijn mijn besjes’, zegt de roodborst.
Verward kijkt het hertje naar de bessen in de stuik.
Hij doet een pasje achteruit.

‘Ja!’, zegt de roodborst. ‘Alles hier, tussen de drie grote eiken, is van mij.’
En hij wijst met zijn vleugel in het rond.
Het hertje kijkt zoekend om zich heen.

‘Joehoe!’, klinkt er ineens achter hen. ‘Roodborst? Ben je thuis?’
Het gezicht van de hazelmuis piept door de bladeren van een grote eik.
Ze kijkt naar het hertje.
‘Bezoek?’, vraagt ze aan de roodborst.
‘Onverwacht bezoek’, zegt de roodborst nors.
‘Hij eet van mijn besjes.’
De hazelmuis kijkt naar de bessenstruik.
‘Dat geeft toch niks?’, zegt ze. ‘Ik zie er nog een heleboel.’

De roodborst knijpt zijn oogjes half dicht.
‘Lust je eikels?, vraagt hij aan het hertje.
Het hertje knikt.
‘Zie je wel’, zegt de roodborst tegen de hazelmuis, ‘straks eet hij ook nog al jóuw eikels op.’
De hazelmuis kijkt ineens anders naar het hertje.

‘Zie je die eik?’, vraagt de roodborst aan het hertje.
Hij wijst naar de boom waar de hazelmuis in zit.
Het hertje knikt
‘En zie je die grote eik achter me?’
Het hertje knikt.
‘Goed. Daartussen loopt mijn grens.’
Glazig kijkt het hertje de roodborst aan.
De roodborst schudt afkeurend zijn hoofd.
‘Weet je niet wat een grens is?
Hazelmuis, leg jij eens uit. Wat is een grens?’
De hazelmuis denkt diep na. Dan zegt ze:
‘Een grens is een scheiding tussen twee verschillende dingen. Bijvoorbeeld tussen wat je wel en
wat je niet leuk vindt. Roodborst zegt soms dat ik niet moet zeuren. Dat vind ik niet leuk. Dan
gaat hij over mijn grens.’
‘Nee. Dat bedoel ik niet’, zegt de roodborst snibbig. ‘Ik bedoel, een grens! Een streep op de
grond. Bijvoorbeeld tussen mijn twee eiken.
Alles aan ene kant is van mij, en alles aan de andere kant is van jou.’
Het hertje zoekt over de grond.
‘Een streep die je niet kan zien’, legt de roodborst geprikkeld uit.
‘Maar dat moet je wel gaan leren. Want het is heel gevaarlijk in het bos als jij niet weet waar de
grenzen lopen. Bij de ene streep ben je welkom, bij de andere niet. Overal zijn grenzen.’

‘Behalve in de liefde’, zegt de hazelmuis. ‘De liefde kent geen grenzen.’
Ze lonkt naar de roodborst.
Hij doet alsof hij haar niet ziet.

‘Dan ga ik daar wel wonen’, klinkt ineens de stem van het hertje.
De roodborst kijkt hem verstoord aan.
‘Waar ga je wonen?’
‘In de liefde’, zegt het hertje.
‘Weten jullie hoe ik daar kan komen?’

De hazelmuis knippert met haar ogen.
De roodborst zucht.

il_340x270.545814684_h41q

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s